NL
Gepubliceerd op 16/07/2026

Hervorming personenbelasting goedgekeurd: overzicht van 20 relevante maatregelen

De federale regering wil de personenbelasting grondig hervormen.

De hervorming heeft als doel:

  • de koopkracht verhogen en werken aantrekkelijker te maken;
  • elk kind zoveel mogelijk gelijk te behandelen. De bedoeling is om voor ieder kind dezelfde belastingvrije som toe te kennen met focus op de toeslag voor 1 en 2 kinderen ten laste;
  • de bestaande verschillen in fiscale behandeling naargelang de samenlevingsvorm weg te werken.

Tegelijk komen er nog een aantal andere zaken aan bod.

Hierbij een overzicht van alle relevante maatregelen thematisch geclusterd :

Overuren

Verhoging van het aantal vrijwillige overuren die belastingvrij kunnen gepresteerd worden

Het aantal vrijwillige overuren zonder overloontoeslag verhoogt. De fiscale regeling wordt daarbij afgestemd op de arbeidsrechtelijke regeling.

Vanaf 1 april 2026 kunnen op jaarbasis maximaal 360 vrijwillige overuren worden gepresteerd, waarvan 240 uren zijn vrijgesteld van overloon, sociale bijdragen en belastingen. In dit contingent van 240 vrijgestelde uren zijn ook de 120 relance-uren inbegrepen die werden gepresteerd in het eerste kwartaal van 2026.

Net zoals voor de relance-uren geldt de belastingvrijstelling enkel wanneer geen overloontoeslag wordt betaald.

Het aantal belastingvrije vrijwillige overuren wordt bovendien in mindering gebracht van het aantal overuren in de horecasector waarvoor een belastingvrijstelling kan worden toegekend. Dat is vandaag al het geval voor de relance-uren. In de horeca kunnen maximaal 360 overuren belastingvrij worden gepresteerd wanneer de werkgever gebruikmaakt van een geregistreerd kassasysteem, en 300 overuren wanneer geen geregistreerd kassasysteem wordt gebruikt. Tot slot geldt voor de overuren in de horecasector die vanaf 1 april 2026 worden gepresteerd eveneens dat de vrijstelling enkel wordt toegekend wanneer voor die overuren geen overloontoeslag wordt betaald.

Meer details over de nieuwe regeling voor de vrijwillige overuren vanaf 1 april 2026: Hervorming vrijwillige overuren goedgekeurd - LWB

Fiscaal voordelige overuren met overwerktoeslag verhogen voor alle sectoren naar 180 uren

De tijdelijke regeling met 130 fiscaal voordelige overuren met overwerktoeslag verhoogt permanent naar 180 uren voor alle sectoren. De specifieke regeling van 180 uren voor werken in onroerende staat heeft dan ook geen bestaansredenen meer.

De aanpassing geldt zowel voor de belastingvermindering voor de werknemers als de  gedeeltelijke vrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor de werkgevers.

De bestaande verhoogde kredieten blijven :

  • tot 280 uren bij wegen- en spoorwegwerken die hoofdzakelijk wegenwerken of spoorwegwerken verrichten; en aan wie de overheid oplegt om in het weekend, op feestdagen of ’s nachts te werken mits naleving checkin@work.
  • tot 360 uren bij horeca (PC 302)

De erkende uitzendkantoren kunnen eveneens de verhoogde kredieten toepassen.

Inwerkingtreding voor overuren gepresteerd vanaf 1 januari 2026.

Gepensioneerden aan gunsttarief van 33%

Gepensioneerden die vanaf 2027 genieten van het gunsttarief van 33% voor het bijklussen als werknemer kunnen niet genieten van de belastingvermindering voor overuren. De nieuwe regeling is enkel van toepassing op gepensioneerden die werken als werknemer.

Gelegenheidswerknemers in de horeca

Ook vanaf 1 januari 2027 komen gelegenheidswerknemers in de horeca voor de eventuele overuren die ze presteren niet meer in aanmerking voor de belastingvermindering overuren. Voor gelegenheidswerknemers in de horeca geldt, mits voldaan is aan een aantal voorwaarden, een specifieke, sociale en fiscale regeling. Deze bezoldigingen worden eveneens afzonderlijk belast aan 33%.

De regering wil de belastingvermindering voor overuren uitsluiten voor werknemers die genieten van het afzonderlijk gunsttarief van 33%.

Bovenmatige forfaitair geraamde voordelen van alle aard

Er is sprake van zo’n “bovenmatig gebruik” wanneer de totale (forfaitaire) waarde van deze voordelen meer bedraagt dan 20% van de totale belastbare bezoldiging (= bruto, na aftrek persoonlijke socialezekerheidsbijdragen). De berekening van deze verhouding gebeurt niet op individueel niveau, maar globaal voor de categorie van werknemers enerzijds en die van bedrijfsleiders anderzijds.

Inwerkingtreding inkomstenjaar 2026 - aanslagjaar 2027.

Een uitgebreide bespreking in een aparte nieuwsbrief: Hervorming personenbelasting: extra heffing bij bovenmatig gebruik forfaitaire voordelen van alle aard - LWB

Gezinsfiscaliteit

Verhoging van de basisbelastingvrije som

De basisbelastingvrije som verhoogt stapsgewijs over vijf aanslagjaren, van het geïndexeerde bedrag van 10.910 EUR in aanslagjaar 2026 (4.785 EUR niet geïndexeerd) naar 15.600 EUR in 2030, van toepassing vanaf aanslagjaar 2031.

Inwerkingtreding : vanaf inkomstenjaar 2026 – aanslagjaar 2027.

Belastingvrije som voor kinderen ten laste

De bedoeling is om dat voordeel gelijker te maken per kind ten laste :

  • de belastingvrije som voor één en twee kinderen ten laste verhoogt geleidelijk zodat in 2029 een gelijk bedrag per kind van toepassing is van 2.650 EUR;
  • de indexatie voor de overige belastingvrije sommen voor 3 of meer kinderen ten laste wordt tijdelijk bevroren voor de inkomstenjaren 2026-2029 op niveau van inkomstenjaar 2025.

Inwerkingtreding : vanaf inkomstenjaar 2026 – aanslagjaar 2027.

Andere belastingvrije sommen voor personen ten laste

Behalve de toeslag of belastingvrije som voor een gehandicapte belastingplichtige worden de andere toeslagen of belastingvrije sommen voor personen ten laste zoals belastingvrije som 66-plussers die zorgbehoevend zijn of andere personen ten laste (ascendenten of zijverwanten tot en met de tweede graad) eveneens tijdelijk bevroren.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2026 - aanslagjaar 2027 - t.e.m. inkomstenjaar 2029 - aanslagjaar 2030.

Belastingvrije som voor alleenstaande ouder met kinderlast enkel voor de echte alleenstaande

De belastingvrije som voor alleenstaande ouder zal enkel nog gelden voor werkelijk alleenstaande ouders, en niet langer voor feitelijk samenwonenden die als alleenstaande worden belast.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2029 - aanslagjaar 2030.

Geleidelijke afbouw van het huwelijksquotiënt

Vanaf aanslagjaar 2027 wordt het maximale bedrag van het huwelijksquotiënt afgebouwd om de belasting meer neutraliteit te maken op het vlak van de samenlevingsvorm.

De afbouw zal verschillend zijn voor actieven en gepensioneerden :

  • voor gepensioneerden loopt de afbouw over bijna twintig jaar, met volledige opheffing vanaf aanslagjaar 2046;
  • voor koppels van wie nog verwacht wordt dat zij actief zijn op de arbeidsmarkt, halveert het maximumbedrag gespreid over vier aanslagjaren.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2026 – aanslagjaar 2027

Doctoraatsbursaal voortaan als alleenstaande belast

Een gehuwde of samenwonende doctoraatsbursaal zal voortaan fiscaal als alleenstaande worden beschouwd wanneer de beurs hoger is dan de belastingvrije som.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2026 – aanslagjaar 2027

Fiscale werkbonus stijgt voor lage lonen

Versterking fiscale werkbonus in 2026 en 2028 :

                                                                       2025       2026       2028

lage lonen (luik A)                                     33,14%    33,14%    35,00%

zeer lage lonen (luik B)                            52,54%    63,00%    72,00%

Bijzondere bijdrage sociale zekerheid

De bijzondere bijdrage in de eindbelasting wordt niet langer per gezin berekend, maar op individuele basis in de eindbelasting. Het maximumbedrag van de bijdrage halveert. De impact zal vooral voelbaar zijn voor alleenstaande belastingplichtigen. Het voorschot dat wordt ingehouden bij de periodieke loonberekening wordt aangepast om rekening te houden met bovenstaande principes.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2028 – aanslagjaar 2029

Correctie berekeningsgrondslag van de aanvullende gemeentebelasting

Om te vermijden dat gemeenten door de hervorming aanzienlijk minder inkomsten uit de aanvullende gemeentebelasting zouden ontvangen, wordt de berekeningsbasis — uitsluitend voor de gemeentebelasting — vermenigvuldigd met een verhogingsfactor. Zo wordt voorkomen dat gemeenten hun inkomsten sterk zien dalen en hun opcentiementarief moeten verhogen.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2028 – aanslagjaar 2029

Vervangingsinkomens

Belastingvermindering werkloosheidsuitkeringen verdwijnt volledig

De belastingvermindering voor werkloosheidsuitkeringen wordt vanaf aanslagjaar 2030 - inkomstenjaar 2029 volledig afgeschaft. Vanaf aanslagjaar 2027 - inkomstenjaar 2026 wordt de huidige belastingvermindering geleidelijk afgebouwd. Er komt wel tijdelijke overgangsbescherming voor echte alleenstaande ouders met één of twee kinderen ten laste.

Verlaging van de belastingvermindering voor hoge pensioenen

De belastingvermindering wordt voortaan gekoppeld aan een inkomstensgrens. De belastingvermindering wordt volledig afgeschaft met gepensioneerden met een belastbaar inkomen boven de 36.535 EUR (te indexeren basisbedrag, 72.310 EUR voor het aanslagjaar 2027 - inkomstenjaar 2026).

De gepensioneerden zal wel kunnen genieten van de verhoging van de belastingvrije som waardoor het verlies wordt opgevangen.

Leefloon wordt belastbaar als vervangingsinkomen

Vanaf inkomstenjaar 2026- aanslagjaar 2027 wordt het leefloon fiscaal behandeld als een vervangingsinkomen.

Het inkomen is in principe aan de personenbelasting onderworpen, maar wordt vrijgesteld door middel van de belastingvermindering voor de ‘andere vervangingsinkomens’.

Jonge sportbeoefenaars

Verlaging leeftijd voor jonge sporters om te genieten van een fiscaal gunstregime

De bezoldigingen van jonge sportbeoefenaars tussen 16 en 23 jaar worden, tot een maximumbedrag van 12.300 EUR per jaar (geïndexeerd bedrag voor aanslagjaar 2027: 16.300 EUR), belast tegen een tarief van 16,5%. De leeftijd verlaagt van 16 naar 15 jaar.

Inwerkingtreding : voor bezoldigingen betaald vanaf 1 januari 2026.

Klussende gepensioneerden

Afzonderlijke heffing van 33 % voor gepensioneerden die willen bijverdienen;

Er wordt een gunstig belastingregime ingevoerd voor gepensioneerden die na hun wettelijk pensioen nog bijklussen als werknemer. Het belastingtarief bedraagt 33% in plaats van de progressieve tarieven.

Inwerkingtreding : voor bezoldigingen betaald vanaf 1 januari 2027.

Bedrijfsleiders

Minimumbezoldiging bedrijfsleider

Het minimumbedrag voor de bedrijfsleidersbezoldiging om te kunnen genieten van het verlaagd tarief vennootschapsbelasting verhoogt van 45.000 EUR nu naar 50.000 EUR. Dit bedrag wordt voortaan jaarlijks geïndexeerd.

Inwerkingtreding vanaf inkomstenjaar 2026 – aanslagjaar 2027

Belastingvermeerdering wegens onvoldoende voorafbetalingen

Er wordt een 5e periode toegevoegd.

Voor bedrijfsleiders geldt echter dat voorafbetalingen in deze vijfde periode (21 december tot en met 20 februari) :

  • niet meer meetellen om een belastingvermeerdering voor dat inkomstenjaar te vermijden;
  • geen recht meer geven op een bonificatie voor dat inkomstenjaar.

Deze betalingen worden wel nog verrekend met de belasting van het belastbaar tijdperk dat eindigt op 31 december binnen de periode van 21 december tot en met 20 februari.

Inwerkingtreding : voor voorafbetalingen verricht vanaf aanslagjaar 2027.

Let op ! Voor een bedrijfsleider moet men wettelijk bedrijfsvoorheffing inhouden. Men mag hiervan niet afwijken. Hierdoor heeft deze regeling slechts een beperkte impact.

Auteursrechten

Computerprogramma's/software zullen vanaf 1 januari 2026 opnieuw onder het fiscale gunstregime van auteursrechten kunnen vallen, mits voldaan is aan een aantal voorwaarden.

Inwerkingtreding : voor inkomsten die vanaf 1 januari 2026 zijn betaald.

Bron: https://www.sd.be/ellawebsite