NL
Gepubliceerd op 01/07/2025

Werken bij warm weer: verplichtingen werkgever

Nu de zomerse temperaturen in het land zijn, is het voor werkgevers cruciaal om de regels rond werken bij warm weer te kennen. De welzijnswetgeving verplicht namelijk de werkgevers om werknemers te beschermen tegen de risico's van overmatige warmte.

De actiewaarden voor blootstelling aan warmte zijn gebaseerd op de WBGT-index ('wet-bulb globe temperature') en de fysieke werkbelasting. Hoe zwaarder de fysieke arbeid, hoe lager de maximale toegelaten WBGT-waarde. Bij overschrijding van deze waarden moet de werkgever concrete maatregelen nemen. Denk daarbij aan het inlassen van extra rustpauzes, verfrissende drank ter beschikking stellen of er voor zorgen dat zijn werknemers over persoonlijke beschermingsmiddelen (bijvoorbeeld een zonnescherm) beschikken.

Het type maatregelen is afhankelijk van de temperatuur en hoe lang deze temperaturen aanhouden, de aard van het werk en of er sprake is van ozonpieken.

Wat betekent dit voor de werkgever?

  • U moet proactief een risicoanalyse uitvoeren voor thermische belasting op de werkplek, in samenwerking met uw preventiedienst.
  • Stel op voorhand een concreet plan met maatregelen op dat in werking treedt bij overschrijding van de WBGT-actiewaarden.
  • Monitor de temperatuur en werkbelasting om tijdig te kunnen ingrijpen.
  • Informeer uw medewerkers over de risico's en de genomen maatregelen. Deze maatregelen zijn in principe opgenomen in het programma van technische en organisatorische maatregelen dat deel uitmaakt van het globaal preventieplan.


Inhoudstafel

1. Algemeen kader

2. De WBGT-index voor blootstelling aan warmte

2.1. Actiewaarden

2.2. Voorbeelden fysieke werkbelasting

2.3. WBGT-index

3. Overschrijding actiewaarden: stel vooraf een programma op!

4. Overmatige warmte houdt aan

5. Plan hittegolf en ozonpieken

6. Bijkomende informatie

1. Algemeen kader

De welzijnswetgeving voorziet regels met betrekking tot werken bij hoge temperaturen.

De nadruk ligt voornamelijk op preventie. De werkgever moet in samenwerking met de externe preventiedienst een risicoanalyse uitvoeren. Hij houdt hierbij rekening met onder andere de fysieke werkbelasting, de luchttemperatuur en de relatieve luchtvochtigheid. Op basis van de resultaten van die risicoanalyse moet de werkgever gepaste preventiemaatregelen nemen.

2. De WBGT-index voor blootstelling aan warmte

2.1. Actiewaarden

De actiewaarden voor blootstelling aan warmte zijn gebaseerd op de WBGT-index ('wet-bulb globe temperature') en de fysieke werkbelasting. Hoe zwaarder de fysieke arbeid, hoe lager de maximale toegelaten WBGT-waarde.

Fysieke werkbelasting         Maximale WBGT-index

licht of zeer licht                     29

halfzwaar                                 26

zwaar                                        22

zeer zwaar                               18

2.2. Voorbeelden fysieke werkbelasting

De FOD WASO voorziet een aantal voorbeelden van fysieke werkbelasting:

  • lichte fysieke arbeid: secretariaatswerk, het besturen van een wagen;
  • middelmatig zware fysieke arbeid: timmerwerk of een tractor besturen;
  • zwaar: spitten, zagen met de hand, schaven, kruiwagens duwen en trekken;
  • zeer zware fysieke arbeid: zwaar spitten en graven, beklimmen van ladders en trappen.

2.3. WBGT-index

De WBGT-index bepalen kan met een vochtige globethermometer of door omrekening. De vochtige globethermometer houdt niet alleen rekening met de temperatuur zoals een gewone thermometer, maar bijvoorbeeld ook met de luchtvochtigheid. De FOD WASO voorziet op haar website de nodige informatie om de WBGT-index te berekenen wanneer er geen vochtige globethermometer beschikbaar is.

3. Overschrijding actiewaarden: stel vooraf een programma op!

Bij overschrijding van de actiewaarden, volgens de tabel, moet de werkgever een aantal maatregelen nemen om de blootstelling aan warmte en de daaruit voorvloeiende risico's proberen te voorkomen of tot een minimum te beperken.

De werkgever stelt hiervoor op voorhand een programma van technische en organisatorische maatregelen op. Hij kan bijvoorbeeld:

  • alternatieve werkmethoden invoeren;
  • de werkroosters of arbeidsorganisatie aanpassen;
  • de duur en de intensiteit van de blootstelling verminderen.

Dit programma wordt, na advies van de bevoegde preventieadviseurs en/of het comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW), opgenomen in het globaal preventieplan.

Als het te warm wordt (volgens bovenstaande tabel) moet de werkgever het programma uitvoeren.

4. Overmatige warmte houdt aan

Als de overmatige warmte aanhoudt, neemt de werkgever volgende maatregelen:

  • hij zorgt binnen de 48 uur, na het vaststellen van de overschrijding, voor kunstmatige verluchting;
  • indien de 48 uren verstreken zijn en de overschrijding houdt aan, voert de werkgever een regime van beperkte aanwezigheid op de werkpost en van rusttijden in;
  • hij zorgt voor kosteloze verfrissende dranken.

De werknemers die rechtstreeks blootgesteld zijn aan zonnestralen moeten individuele of collectieve beschermingsmiddelen krijgen.

5. Plan hittegolf en ozonpieken

Bij aanhoudend warm weer is er een verhoogd risico op hoge ozonconcentraties. Blootstelling aan ozon van klimatologische oorsprong houdt eveneens een arbeidsrisico in.

Dit wil zeggen dat de werkgever ook in dat geval maatregelen moet treffen. De werkgever doet dit best door bijvoorbeeld:

  • zware lichamelijke arbeid enkel tijdens de ochtend of voormiddag te laten verrichten;
  • overwerk te vermijden;
  • lichtere arbeid te laten verrichten zodat het ademvolume en de ingeademde dosis ozon lager zijn.

6. Bijkomende informatie

De FOD WASO voorziet op haar website meer informatie over de maatregelen door de werkgever en rechten van de werknemers bij warm weer.

Bron: https://www.sd.be/ellawebsite