Soms valt een feestdag samen met een zondag of met een andere normale inactiviteitsdag van de onderneming (meestal een zaterdag). Dan moet de werkgever die feestdag binnen hetzelfde jaar vervangen door een dag waarop men normaal wel werkt in de onderneming. Hierdoor blijft het recht op 10 feestdagen per jaar in de onderneming gewaarborgd.
De vervangende feestdag of vervangingsdag neemt het karakter van de oorspronkelijke feestdag over. Zo gaat het recht op de betaalde rust en op de betaling van het loon voor de feestdag over op de vervangingsdag.
In 2025 valt Allerheiligen (1 november) op een zaterdag. Als zaterdag een inactiviteitsdag is in de onderneming, moet de werkgever deze feestdag vervangen.
De Feestdagenwet vermeldt een cascaderegeling om deze vervangingsdagen te bepalen. De opeenvolgende mogelijkheden zijn:
Slaag je er niet in om op een bepaald niveau een vervangende dag vast te stellen, omdat het overlegorgaan niet bestaat in de onderneming of geen beslissing neemt, dan schuift de beslissing op naar het volgende niveau. Men kan beslissen om de feestdag collectief te vervangen op een welbepaalde dag of dat een vervangingsdag individueel vrij op te nemen is. Wanneer men de vervangingsdag niet heeft kunnen vastleggen op één van deze niveaus, verschuift de feestdag naar de eerste gewone activiteitsdag die in de onderneming volgt op de feestdag (dikwijls een maandag).
De werkgever moet vóór 15 december 2024 de beslissing of het akkoord over de overeengekomen vervangingsdagen voor 2025 op een plaats uithangen die voor het personeel zichtbaar is. Hij moet ook een kopie van dit bericht toevoegen aan het arbeidsreglement. Een tweede kopie bezorgt de werkgever aan Toezicht Sociale Wetten binnen acht dagen nadat een akkoord is bereikt.
Bron: https://www.sd.be/ellawebsite