Het koninklijk besluit dat de maximale loonnorm of loonmarge voor 2025 en 2026 vastlegt, verscheen 22 september in het Belgisch Staatsblad. De marge bedraagt 0%.
Toch betekent dat niet dat de loonkost in een bedrijf niet kan of mag stijgen. Zo zijn indexeringen en baremieke verhogingen (in ruime zin) steeds toegelaten. Ook zijn er bepaalde premies mogelijk, buiten de loonnorm. En vanaf 2026 komt er een mogelijkheid tot verhoging van het werkgeversaandeel in de maaltijdcheques, eveneens buiten de loonnorm.
Het koninklijk besluit dat de maximale loonnorm of loonmarge voor 2025 en 2026 vastlegt, verscheen vandaag in het Belgisch Staatsblad. De marge bedraagt 0%. Dat is geen verrassing, want de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) had de marge in februari van dit jaar al berekend.
De loonnorm bepaalt hoeveel de gemiddelde loonkost per werknemer in elke onderneming gedurende twee jaren maximaal mag stijgen, in vergelijking met de gemiddelde loonkost over de afgelopen twee jaren.
De principes rond de loonnorm of loonmarge staan in de zogenaamde wet van ’96. De tweejaarlijkse norm zelf wordt door de sociale partners in een cao van de Nationale Arbeidsraad, en wanneer dat niet lukt, door de regering in een koninklijk besluit vastgelegd.
De maximale marge voor 2025 en 2026 is 0%. Op ondernemingsniveau mag de gemiddelde loonkost per werknemer, uitgedrukt in voltijdse equivalenten, in principe niet stijgen. Individuele loonsverhogingen zijn wel mogelijk, maar enkel voor zover ze de gemiddelde loonkost in de onderneming niet doen stijgen.
Indexeringen en baremieke verhogingen zijn toch gegarandeerd. Hoewel ze natuurlijk de loonkost in een bedrijf doen stijgen, vallen ze volledig buiten de loonnorm. Er wordt geen rekening mee gehouden om te beoordelen of een bedrijf de loonnorm respecteert.
Bepaalde specifieke loonelementen laten we ook buiten beschouwing. Bijvoorbeeld de zogenaamde cao nr. 90 bonus, of de winstpremie. Een nieuwigheid op dit vlak wordt de eventuele verhoging van de maaltijdcheques. De regering wil immers het huidige maximum van de werkgeversbijdrage in een maaltijdcheque (6,91 euro) vanaf 1 januari 2026 met twee euro verhogen, naar maximaal 8,91 euro. Let op: dit betekent niet dat maaltijdcheques moeten stijgen. Die beslissing is aan de sector, of aan de werkgever. De mogelijkheid wordt wel gecreëerd.
Zonder bijkomende uitzondering zou zo’n verhoging in de regel leiden tot een overtreding van de maximale loonnorm. Daarom voorziet een ontwerp van wet dat verhogingen van de werkgeverstussenkomst in het bedrag van de maaltijdcheque met maximaal twee euro, die in 2026 worden toegekend, eveneens buiten beschouwing blijven bij de beoordeling van de loonnorm. Deze wettekst moet wel nog in het parlement ingediend, en daar behandeld en gestemd worden.
De publicatie van de 0% loonnorm is de laatste stap om de norm juridisch bindend te maken. De paritaire comités zijn ondertussen volop bezig met de voorbereiding van hun tweejaarlijkse onderhandelingen over de arbeidsvoorwaarden in de sector.
De loonnorm is in de eerste plaats een 'macro-norm'. Ze moet ervoor zorgen dat de concurrentiekracht en de tewerkstelling in België op peil blijven. Voor de onderhandelaars op sectoraal vlak is het een dwingend kader om de onderhandelingen over loonsverhogingen en andere arbeidsvoorwaarden op te starten. Met een loonnorm van 0% zit een algemene sectorale loonsverhoging, boven op de indexering, er niet in.
Maar er is ook impact voor individuele werkgevers en werknemers:
Bron: https://www.sd.be/ellawebsite