De forfaitaire werkgeverstussenkomst in de prijs van de treinabonnementen voor woon-werkverkeer, verhoogt op 1 juni 2024.
Om de financiële gevolgen hiervan te verzachten voor de werkgever, voorziet een wetsontwerp in een nieuw belastingkrediet, waardoor de federale overheid voor maximum 7,5% zal tegemoetkomen in de prijs.
Werknemers die met de trein naar het werk sporen, kunnen in principe rekenen op een werkgeverstussenkomst in die kosten.
Om de tussenkomst te bepalen, bestaan er twee systemen. Sectoren kunnen voor de werkgeverstussenkomst namelijk verwijzen naar:
OF
De federale regering wil de financiële gevolgen voor de werkgevers dan ook verzachten door middel van een belastingkrediet.
Een belastingkrediet is een bedrag dat in mindering komt van de belasting. Er gebeurt een volledige verrekening met de verschuldigde personen-, rechtspersonen- of vennootschapsbelasting (of corresponderende belasting der niet-inwoners (BNI)).
Hierbij komt de overheid voor maximum 7,5% tegemoet in de prijs van de treinabonnementen voor het woon-werkverkeer van werknemers.
Wetsontwerp
Het belastingkrediet zit vervat in een wetsontwerp, dat inmiddels in tweede lezing werd goedgekeurd. We bespreken de krachtlijnen.
Deze bespreking geldt onder voorbehoud van publicatie in het Belgisch Staatsblad.
Voorwaarden
Het belastingkrediet is gekoppeld aan enkele voorwaarden.
De werkgever verkrijgt het niet automatisch, maar moet een aanvraag indienen.
Hij komt enkel in aanmerking wanneer zijn verhoogde tussenkomst minstens 79,3% van de kostprijs van het treinabonnement bedraagt.
Het doel van de maatregel is immers om er voor te zorgen dat de werknemer maximaal 20,7% van de kostprijs draagt.
Het belastingkrediet kan niet verleend worden voor de werkgeverstussenkomst:
De verhoogde werkgeverstussenkomst moet vastgelegd zijn in een cao, arbeidsreglement of individuele arbeidsovereenkomst en zonder beperking in de tijd gelden.
Hoeveel
Het bedrag van het belastingkrediet bekomen we door het bedrag van de werkgeverstussenkomst te delen door de (procentuele) verhoogde tussenkomst en dit resultaat vervolgens te vermenigvuldigen met het verhogingspercentage (beperkt tot 7,5%).
We verduidelijken aan de hand van volgend voorbeeld.
Een werkgever heeft op 31 december 2023 een verplichte tussenkomst van 60% in een treinabonnement. Vanaf 1 juni 2024 verhoogt hij de tussenkomst tot 79,3%. Het verhogingspercentage is 19,3%, te beperken tot 7,5%.
De werknemer koopt op 1 september 2024 een standaard abonnement van 1.988 EUR. De werkgeverstussenkomst bedraagt 79,3% hiervan of 1.576,48 EUR. Het bedrag van het belastingkrediet is gelijk aan 149,1 EUR [ = ( 1.576,48 EUR : 79,3% ) x 7,5% ] .
Niet aftrekbaar
De werkgeverstussenkomst in het treinabonnement is niet aftrekbaar als beroepskost ten bedrage van het belastingkrediet dat de werkgever voor die tussenkomst geniet.
Het belastingkrediet wordt verleend voor de tussenkomsten die de werkgever betaalt of toekent in de periode van 1 januari 2024 tot en met 31 december 2027.
Let op! Deze bespreking is gebaseerd op ontwerpteksten. Het wetsontwerp werd inmiddels in tweede lezing goedgekeurd in de Kamer. Deze bespreking geldt dan ook onder voorbehoud van publicatie in het Belgisch Staatsblad.
De forfaitaire werkgeverstussenkomst in de prijs van een treinabonnement voor woon-werkverkeer verhoogt vanaf 1 juni 2024.
Mits aan alle voorwaarden voldaan is, kunnen volgende werkgevers hiervoor een financiële tegemoetkoming krijgen via een federaal belastingkrediet:
Bron: https://www.sd.be/ellawebsite