Wanneer een werkgever een wagen ter beschikking stelt die de werknemer ook voor privéverplaatsingen mag gebruiken, ontstaat er een voordeel in natura. Dit voordeel is uitgesloten uit het RSZ-loonbegrip en bijgevolg niet onderworpen aan de gewone socialezekerheidsbijdragen.
De werkgever is hierop wel een solidariteitsbijdrage verschuldigd.
Deze maandelijkse bijdrage:
Het bedrag van de CO2-solidariteitsbijdrage is gekoppeld aan het gezondheidsindexcijfer van de maand september en wordt op 1 januari van elk jaar aangepast.
Voor het jaar 2024 bedroeg de indexatiecoëfficiënt 1,5358.
Wij rekenden de nieuwe coëfficiënt voor die vanaf 1 januari 2025 van toepassing zal zijn. Deze zal 1,5948 bedragen.
OPMERKING :
De minimumbijdrage per maand is:
Brandstoftype Formule
Benzine CO2 gekend: [((CO2-emissie x 9 EUR) - 768) / 12] x 1,5948
CO2 niet gekend: [((182 x 9 EUR) - 768) / 12] x 1,5948 = 115,62 EUR
Diesel CO2 gekend: [((CO2-emissie x 9 EUR) - 600) / 12] x 1,5948
CO2 niet gekend: [((165 x 9 EUR) - 600) / 12] x 1,5948 = 117,62 EUR
LPG (*) [((CO2-emissie x 9 EUR) - 990) / 12] x 1,5948
Elektrisch (**) 33,22 EUR per maand - aanschaf vóór 01/07/2023
37,33 EUR per maand - aanschaf vanaf 01/07/2023
(*) een LPG-voertuig is een omgebouwde wagen die oorspronkelijk op benzine reed. Men gebruikt in de formule de CO2-uitstoot van het benzinevoertuig. Dezelfde berekeningsformule geldt voor wagens op aardgas of methaangas.
(**) in afwachting van een eventuele wettelijke aanpassing aanvaardt de RSZ deze minimumbijdrage ook voor wagens die uitsluitend op waterstof rijden.
De regering heeft tal van maatregelen genomen om het bedrijfswagenpark versneld te vergroenen. Deze maatregelen situeren zich hoofdzakelijk op fiscaal vlak, maar laten zich ook op sociaal vlak voelen. Voor wagens aangeschaft (gehuurd, geleased of aangekocht) vóór 1 juli 2023 wijzigt niets.
Wagens met CO2-uitstoot - aanschaf vanaf 1 juli 2023
Voor wagens die een werkgever aanschaft vanaf 1 juli 2023 én die CO2 uitstoten, verhoogt de CO2-solidariteitsbijdrage.
De berekeningswijze van de solidariteitsbijdrage blijft hetzelfde, maar we moeten het resultaat van deze formule vermenigvuldigen met factor:
Voorbeeld
Voor 2025 bedraagt de CO2-solidariteitsbijdrage voor een benzinewagen met 109 gr/km CO2-uitstoot:
Minimum CO2-solidariteitsbijdrage
Ook het bedrag van de minimum CO2-solidariteitsbijdrage wordt gaandeweg opgetrokken.
De minimumbijdrage, die onder meer van toepassing is voor wagens zonder CO2-uitstoot, bedraagt momenteel 20,83 EUR (basisbedrag - niet-geïndexeerd).
Dit basisbedrag zal blijven gelden voor wagens aangeschaft vóór 1 juli 2023.
Geïndexeerd komt dat neer op 31,99 EUR per maand voor 2024 en op 33,22 EUR per maand voor 2025.
Voor wagens aangeschaft vanaf 1 juli 2023 verhoogt het basisbedrag van deze minimumbijdrage van 20,83 EUR naar:
De geïndexeerde minimumbijdrage bedraagt bijgevolg 37,33 EUR per maand voor 2025.
De RSZ hanteert specifieke overgangsmaatregelen om na te gaan of een wagen al dan niet aangeschaft werd voor 1 juli 2023. .
Wanneer de lease- of huurovereenkomst, aangegaan vóór 1 juli 2023, een optie tot aankoop of verlenging voorziet, beschouwt de RSZ het lichten van die optie vanaf 1 juli 2023 niet als een nieuwe overeenkomst. In dat geval moeten we de multiplicatiefactor niet toepassen. Voorziet de oorspronkelijke overeenkomst geen optie tot aankoop of verlenging en de werkgever verlengt het contract of gaat over tot aankoop, dan is er wél sprake van een nieuwe overeenkomst. Bijgevolg moet de multiplicatiefactor wel toegepast worden.
Bron: https://www.sd.be/ellawebsite