Vanaf schooljaar 2026-2027 voert de Vlaamse Regering een grondige hervorming door van het Vlaams Opleidingsverlof (VOV). Het doel is duidelijk: het VOV sterker richten op opleidingen die de inzetbaarheid van werknemers verhogen en inspelen op de behoeften van de arbeidsmarkt.
Bij de start van het nieuwe schooljaar, zetten we de belangrijkste wijzigingen graag nog eens op een rij.
Opleidingen geven enkel recht op Vlaams Opleidingsverlof wanneer ze voldoen aan specifieke voorwaarden. Ze moeten:
Tip: controleer vooraf steeds in de opleidingsdatabank of een opleiding nog recht geeft op Vlaams Opleidingsverlof.
Bedrijfsinterne opleidingen zijn opleidingen door de werkgever georganiseerd vooral in functie van de eigen onderneming. Zij geven enkel nog recht op Vlaams Opleidingsverlof als er een gunstig preadvies is over de arbeidsmarktgerichtheid van de opleiding. De werkgever moet dit preadvies aanvragen via dit formulier: OVApre-advies.
Het maximum van 250 uur per jaar wordt structureel verankerd:
De toegangsdrempel wordt aanzienlijk verlaagd.
Vandaag moeten werknemers minstens 80% werken én gemiddeld minstens 28 uur per week presteren. Vanaf 1 september 2026 volstaat een contractuele tewerkstelling van minstens 50% van een voltijdse betrekking.
Ook werknemers die uitsluitend in het weekend werken, kunnen voortaan gebruikmaken van het Vlaams Opleidingsverlof.
Voor weekendwerkers geldt wel een bijkomende voorwaarde: de opleidingsuren moeten samenvallen met een werkdag volgens het rooster. De nacht vóór of na de opleidingsdag telt mee.
Voor opleidingen die regelmatige aanwezigheid vereisen, heeft een werknemer het recht om op het werk afwezig te zijn gedurende het aantal uren van de werkelijke aanwezigheid in de opleiding.
Dit is nieuw voor de opleidingen uit het volwassenenonderwijs, EVC (Erkennen van verworven competenties) en examencommissie.
Voor examens bij de examencommissie secundair en basisonderwijs stijgt het Vlaams Opleidingsverlof van 8 naar 16 uur.
Voor opleidingen zonder verplichte aanwezigheid blijft de bestaande regeling behouden: elk studiepunt geeft recht op 4 uur Vlaams Opleidingsverlof, op voorwaarde dat de werknemer deelneemt aan de eindbeoordeling.
Voor blended leren blijft de regel ongewijzigd: recht op afwezigheid tijdens de voorziene opleidingstijd.
Een werknemer kan dezelfde opleiding of hetzelfde opleidingsjaar in principe nog maar één keer met Vlaams Opleidingsverlof volgen. Een tweede keer is alleen mogelijk bij overmacht.
De Vlaamse overheid scherpt de controle op opleidingsverstrekkers aan. Organisaties die hun verplichtingen rond registratie, attestering of administratie niet naleven, riskeren sancties. In ernstige gevallen kunnen opleidingen uit de opleidingsdatabank worden geschrapt of kan de registratie van de opleidingsverstrekker worden ingetrokken.
Het loonforfait dat terugbetaald wordt, bedraagt vanaf schooljaar 2026‑2027 24,50 euro per uur.
De terugbetaling wordt toegekend voor het aantal uren waarop de werknemer recht heeft, nl. de uren waarop de werknemer aanwezig was in de opleiding/eindbeoordeling. De voorwaarde van het nauwgezet volgen wordt geschrapt voor de betaling aan de werkgever.
Het bestaande cumulverbod wordt uitgebreid. Vlaams Opleidingsverlof kan niet worden gecombineerd met bepaalde andere maatregelen die de loonkost van de werknemer of een vervanger volledig financieren. De Vlaamse overheid zal verder verduidelijken op welke maatregelen deze beperking precies van toepassing is.
Als de opleiding in het schooljaar 2026-2027 niet meer in aanmerking komt voor Vlaams Opleidingsverlof, kan de werknemer de opleiding verderzetten op voorwaarde dat er voor dezelfde opleiding een goedgekeurde aanvraag was in schooljaar 2025-2026 én dat de werknemer dat schooljaar ook effectief Vlaams Opleidingsverlof opnam.
Bron: https://www.sd.be/ellawebsite